Schamper Daily

Abonneren op feed Schamper Daily
De meest recente artikels en dailies
Bijgewerkt: 5 uur 15 min geleden

Mens en technologie: verzoening of tirannie?

vr, 16/11/2018 - 18:56
Nacht van de VrijdenkerWetenschapKatrien Vandenbroeck

Anno 2018 is de helft van de wereld een internetgebruiker, amper dertig jaar na de opkomst van het web. Men kan zich geen wereld meer inbeelden zonder technologie, maar tegelijkertijd roept het wantrouwen op. Is onze angst gegrond?

Professor Katrien Devolder, senior research fellow aan het Oxford Centre voor praktische ethiek, en professor Peter Paul Verbeek, technologiefilosoof aan de Universiteit van Twente, lichtten op de Nacht Van de Vrijdenker hun mening toe over de plaats van technologie in onze samenleving.

Technologie als verlengstuk

In zijn werk De grens van de mens, legt professor Verbeek de vinger op de zere wonde: technologie verandert wel degelijk ons leven. Maar niet op de manier dat we het zouden verwachten. Technologische innovaties laten niet enkel toe een bepaald doel te bereiken, maar vervormen eveneens verlangens. Zo kan je nu, met de ontwikkeling van moderne vervoermiddelen, vlot naar exotische plaatsen op vakantie trekken. Gevolg: plots willen alle mensen op vakantie naar Indonesië. Ook wat moreel gangbaar is, wordt door technologie vervormd. Waar dokters vroeger op de noodzaak van pijn hamerden, zou men het dezer dagen onaanvaardbaar vinden om zonder verdoving te opereren. Dat was een paar honderd jaar zelfs niet mogelijk. Technologie is op deze manier een verlengstuk van de mens geworden.

Op vlak van moraliteit kan technologie ons ondersteunen, argumenteert Katrien de Volder: “Momenteel wordt er zelfs in de VS een app ontwikkeld, die mensen zou helpen met het maken van beslissingen. Deze vraagt allereerst welke waarden belangrijk zijn voor jou, en spoort jou dan aan deze in je dagelijkse leven beter te praktiseren.”

Eveneens laat technologie ons toe menselijke vermogens beter op peil te brengen. Op vlak van killer-robots zou Artificiële Intelligentie (AI) bijvoorbeeld een enorm voordeel kunnen bieden: meer gecibleerde aanvallen, het beveiligen van onschuldige burgers, ook het voorkomen van posttraumatische stressstoornissen. Of denk aan het probleem van eenzaamheid. Waarom geen robot hebben als gesprekspartner?

De voordelen zijn ontelbaar: zelfrijdende auto’s zouden het aantal ongelukken ongelooflijk kunnen doen dalen, medische hightech zal zorg nog meer op punt brengen, smartphones versterken contacten wereldwijd, en kennis wordt via het internet ook toegankelijker. Vandaag de dag zijn er zelfs al programma’s die worden gebruikt om rechtszaken objectiever op te lossen.

Waar berekeningen in hersenweefsels te kort schieten, kan een computer deze terug op punt brengen. Waarom boezemt technologie dan toch zoveel angst in?

Katrien de Volder Technologie als wapen

Terwijl innovaties in een flits de wereld rondtrekken, blijkt wetgeving een moeizamer parcours af te leggen. De bekende SciFi-auteur Isaac Asimov (1920-1992) beschreef al reeds in zijn Foundation-serie een wereld waarin AI volledig uit de hand loopt, al hebben ze er de 'drie wetten van de Robotica' ingevoerd. In de categorie non-fictie slaan vandaag grote Amerikaanse bedrijven zoals Google, Facebook of Apple massa’s gegevens op van quasi elk individu ter wereld. Welke informatie ze hebben en wat ze hiermee doen is dan weer voer voor fictieschrijvers.

Dat niemand het had zien aankomen dat Rusland sluiks de verkiezingen in de VS ging beïnvloeden, voegt Devolder nog toe. Of wat de gevolgen zijn van de ontwikkeling van de atoombom, blijft ook sibillijns. “Maar ik denk dat we nog in een vroeg stadium zitten”, nuanceert ze. “Er is amper, of zelfs geen wetgeving die ons zou kunnen beschermen, maar nu wordt men er zich wel meer en meer van bewust dat er een probleem is. Bij de revenge porn bijvoorbeeld, waar er geen enkele regelgeving om de slachtoffers te beschermen bestond, zijn er nu - al is het wellicht een beetje te laat - wetgevingen voor ontworpen.”

"We zijn in zo’n stroomversnelling geraakt waar we nu met technologie veel gevaarlijkere dingen kunnen doen dan ooit tevoren."

China projecteert anderzijds al in 2020 publiekelijk toegankelijke scores toe te kennen aan zijn bevolking, gegrond in onder andere internetgebruik, maar ook de scores van jouw vrienden, of in welke mate je de staat steunt. Hoe hoger de score, hoe makkelijker men in bepaalde jobs geraakt, of recht heeft tot reisvergunningen. Creepy.

Dat technologische innovaties een akelige neveneffect hebben, daar kijkt Devolder niet van om: “We zijn in zo’n stroomversnelling geraakt, waar we nu met technologie veel gevaarlijkere dingen kunnen doen dan ooit tevoren. Neem bijvoorbeeld de synthetische biologie: we kunnen tegenwoordig virussen verspreiden die voor pandemieën zorgen. Technologie zou de mensheid heel snel kunnen verwoesten. Dan stellen we ons natuurlijk de vraag: kunnen we dit eigenlijk wel aan?”

Of AI en zijn eigenaars onze wereld gaan bemeesteren is dus niet uitgesloten, maar uiteindelijk is het de mens die het lot zelf in handen heeft.

Categorieën: Studentenbladen

Atheïsme, het Zelf en waarheid

vr, 16/11/2018 - 18:43
Een interview met Julian BagginiWetenschapLinus Vermeulen

Julian Baggini is een Brits filosoof en schrijft voor een groot publiek over zaken zoals identiteit, atheïsme en rationaliteit. Dit jaar was hij te gast als spreker op de Nacht van de Vrijdenker.

Het is misschien een beetje ironisch om te vragen naar Baggini’s zelfbeeld als filosoof nog voor we weten wat een 'zelf' eigenlijk is, maar ach, sommige dingen moeten nu eenmaal aangenomen worden. “Ergens zie ik mezelf eerder als schrijver en pas in de tweede plaats als filosoof. Maar als ik toch iets moet zeggen, dan zou ik zeggen dat ik eerder verschillende ideeën samenbreng in plaats van echt zelf nieuwe ideeën te bedenken. Als er originaliteit in mijn werk zit, dan zit die in de manier waarop ik zaken combineer.”

Atheïsme met kleine a

Baggini

Baggini groeide op in een zacht, christelijk gezin, verbazingwekkend genoeg zonder kruisigingen en kruistochten. Sinds zijn tienerjaren is hij toch overtuigd atheïst. “Ik denk toch wel anders dan vele atheïsten die de laatste tijd populair zijn geworden. Zij denken vaak dat religie simpelweg nonsens is en dat we er zo snel mogelijk van af moeten. Ik ben geïnteresseerd in religie als een praktische ethos voor het leven. Religie hoeft daarvoor niet letterlijk waar te zijn. Er is zeker iets waardevols aan religie dat we niet zomaar weg mogen gooien.”

“Atheïsme gaat om een naturalistisch beeld van de wereld, het idee dat alles dat bestaat op een bepaalde manier deel is van de materiële wereld. Maar dit betekent niet noodzakelijk dat er geen dingen zijn die we niet kunnen weten of meten. In zijn kern leunt atheïsme dicht aan bij een soort metafysisch agnosticisme à la Confucius, zeker toegepast lijkt er niet echt zo‘n groot verschil te zijn. De meeste atheïsten zijn niet zozeer gebonden aan het idee dat de natuurlijke wereld alles is dat er is, atheïsten nemen de natuurlijke wereld eerder als werkhypothese.”

"We blijven verandering zien als iets waar we controle op hebben" -Baggini

Maakt dit van atheïsme niet ook een religieuze positie? “Ik denk van niet, of toch tenminste niet in de klassieke zin van het woord. Atheïsme vraagt ons niet om een positie in te nemen die op een bepaalde manier het bewijs voorbijgaat. We moeten natuurlijk sowieso iets aannemen waar geen bewijs voor is, maar religie is meer dan dat, religie vraagt ons een positie in te nemen die definieert hoe we de wereld kennen en leren kennen.” Hoe ‘een natuurlijke wereld als werkhypothese’ dit niet doet is me een raadsel, maar zoals het een filosoof betaamt zijn we hier om vragen te stellen, niet om ze te beantwoorden.

Zelf met grote Z

Het 'zelf' is misschien wel de vaagste term die je vandaag zal lezen, maar dan ben je waarschijnlijk ook geen professioneel filosoof. Filosofen houden namelijk van eindeloze discussies over woorden waarvan ze niet zeker zijn of ze eigenlijk wel iets willen zeggen. Baggini is een van die mensen, en gaf er zelfs een TED-Talk over. Volgens Baggini ben jij niet een wezen dat vanalles ervaart en denkt en voelt, maar ben jij je ervaringen, gedachten en gevoelens. “Vanuit het gezond verstand gaan we vaak uit van een permanente, persoonlijke essentie, alsof er een rationele ik is die mijzelf kan vormen in eender wat ik wil zijn. Dit is een beeld dat voortkomt uit de Verlichting, maar ik denk dat dit langzaam aan het veranderen is. Geen enkele neurobioloog of psycholoog die met het zelf bezig is gelooft in het 'zelf' als permanente essentie.” In de plaats daarvan zijn we een grote, abstracte warboel van constant veranderende herinneringen, gevoelens, gedachten en noem maar op.

"Atheïsten nemen de natuurlijke wereld eerder als werkhypothese." -Baggini

Een beeld van een mediterende monnik ergens diep in het gebergte springt direct voor ogen. “Ik baseer me niet specifiek op het Boeddhisme, maar wat interessant is, is dat dit idee ten minste drie onafhankelijke bronnen heeft. Uiteraard het Boeddhisme, maar ook John Locke en daarna David Hume. Dit beeld is ondertussen al redelijk mainstream geworden, maar hoewel we vergankelijkheid en verandering steeds meer en meer aanvaarden, blijft het dominante beeld er een van een vaste zelf. De reden hiervoor lijkt me juist te zijn dat we verandering blijven zien als iets waar we controle over hebben. Ik ben oneindig flexibel omdat ik de controle heb, ik kan dus worden wat ik wil. Maar dat is zeker niet helemaal waar, er zijn grenzen.”

Waarheid met korte ei

Na al deze Boeddhistische verlichting en atheïstische uitspraken zou men al bijna vergeten dat Baggini’s lezing op de Nacht van de Vrijdenker eigenlijk ging over waarheid. Meer specifiek houdt Baggini zich bezig met de origine van ons 'post-truth'-tijdperk. Ironisch genoeg lijkt het 'post-truth'-tijdperk voort te komen uit het succes van de wetenschap. Het is niet zo dat we geloven dat er geen waarheid is, maar eerder dat we de mensen niet vertrouwen die ons proberen te vertellen wat die waarheid is. We zijn niet alleen kritisch, maar ook cynisch geworden tegenover autoriteit. Denk bijvoorbeeld aan je favoriete econoom ten tijde van de crisis in 2008, als ze zelfs de economische crisis niet konden voorspellen, wat kunnen ze dan wel? Dan ben je bijna beter af met een set tarotkaarten.

"Het probleem is niet dat we niet meer weten wat de waarheid is, maar dat we mensen niet vertrouwen als ze beweren de waarheid te zeggen." -Baggini

“Vele mensen denken dat het een probleem is in ons vertrouwen in de waarheid, dat mensen denken dat er niet zoiets bestaat als waarheid. Maar ik denk niet dat het zo fundamenteel is. Ons begrip van waarheid is vaak zeer rechtdoorzee, het probleem is gewoon dat die waarheid niet zo gemakkelijk te achterhalen is, ook al is het verschil tussen fout en juist goed begrepen. Je kan dan ook aan alles twijfelen, elk rationeel of logisch systeem moet zich uiteindelijk baseren op iets dat niet aantoonbaar is. Maar dat maakt rationaliteit niet per se dubieus, het zou eerder een zekere nederigheid moeten inspireren.” Het is echter onduidelijk waar onze zoektocht naar die duidelijke waarheid moet beginnen, als alle aannames irrationeel zijn. Een mens zou er cynisch van worden.

Categorieën: Studentenbladen

Doop is wel degelijk dope

vr, 16/11/2018 - 14:20
Opinie

Dit opiniestuk werd ingezonden door Jaime Moreira Resina, student Toegepaste Taalkunde Frans-Spaans en Verantwoordelijke Studie bij Veto Gent. Hij was schacht bij Veto Gent in 2016-2017.

 

Jaime Moreira Resina

Zoals de jaarlijkse traditie het wil, kruipen individuen zoals Joël De Ceulaer en Geert Noels eind oktober in hun pen om nog maar eens een vernietigend opiniestuk te schrijven over de beruchte studentendopen. Vandaag de dag kan ik zelfs vaststellen dat ook sociale media als Facebook en Twitter doorspekt zijn van berichten van de hand van zelfverklaard kritische mensen die een wel heel kortzichtige mening hebben over dit facet van het studentenleven. Ofwel zijn deze heerschappen zulke negen-tot-vijftypes dat ze hun eigen microkosmos het nec plus ultra wanen en hebben ze zelf nooit een doop meegemaakt en zijn ze op geen enkele manier bij eender welke Vlaamse kring of club betrokken geweest, ofwel zijn het mensen die wel degelijk bij de werking van een kring betrokken zijn, en er toch een dergelijke mening op na houden.


Hoog tijd dat dit fenomeen in een positief (lees: realistisch) daglicht wordt geplaatst.

Zou de traditie veranderd zijn of liggen de critici aan de basis van deze ommezwaai?


In de definitie van Van Dale staat het meest essentiële woord van deze hele discussie: studentenverenigingen zijn vrijwillig, ze zijn in de praktijk werkelijk het antoniem van een verplichting. Het is toch frappant dat deze traditie in ons land, Nederland, Duitsland, Spanje (disputen) en de VS (fraternities/sororities) bestaat, dateert van in de jaren 1725 en toch pas sinds de recentste eeuwwisseling bakken kritiek over zich krijgt. Zou de traditie veranderd zijn of liggen de critici aan de basis van deze ommezwaai? Nogal wiedes, me dunkt.


Als ik zie en lees hoe kortzichtig bovenstaande mensen zich uitdrukken over studentenverenigingen, moet het concept misschien wat toegelicht worden. Toch bizar, aangezien deze uitermate fijne mensen een ware encyclopedische kennis menen tentoon te spreiden. Studentenverenigingen in België worden in twee gedeeld, met name kringen en clubs. Kringen groeperen mensen die dezelfde universitaire opleiding volgen, clubs vormen zich dan weer rond studenten die uit dezelfde streek afkomstig zijn of die dezelfde richting aan een hogeschool studeren. Zowel kringen als clubs hebben hetzelfde hoofddoel: de sociale activiteiten van hun leden helpen ontplooien. Daarnaast onderscheiden de kringen zich van de clubs – met uiteraard uitzonderingen –, omdat kringen ook relevante studiehulp aanbieden. In tegenstelling tot wat velen beweren, is zuipen geen doel. Je hebt overigens geen vereniging nodig om jezelf een levercirrose cadeau te doen, dat is enkel een gemakkelijk excuus.

Je hebt geen vereniging nodig om jezelf een levercirrose cadeau te doen


Verder beweren niet nader te noemen mensen op Facebook en Twitter dat je compleet wanhopig en hopeloos op zoek moet zijn naar vrienden om jezelf aan te sluiten bij een studentenvereniging. Uiteraard, hoe kon ik nu denken dat de ruim 20.000 Gentse studenten die aangesloten zijn bij een vereniging ook maar enige vorm van leven hebben. Overduidelijk dat het allemaal stuk voor stuk kasplantjes betreft. Ongelofelijk dat deze mening nog maar gehoor vindt. Ik ben zelf nog te jong om te kunnen zeggen wanneer die overgang heeft plaatsgevonden, maar hoe lang is het niet geleden dat de jeugd assertief genoeg was om dingen zelfstandig te ontdekken? Een simpele chirofuif is voor een zestienjarige al een obstakel dat enkel in groep overwonnen kan worden. Een studentenverenging spreekt tijdens het middelbaar tot de verbeelding. Kersverse studenten aan het hoger onderwijs die geïnteresseerd genoeg zijn, zullen samen met hun vriendengroep de verbeelding aan de realiteit toetsen en op vrijwillige en onafhankelijke basis oordelen of het hen ligt of niet. Zo gaat het al jaren en zal het nog jaren gaan. Wat bovenstaande mensen niet ontkennen, is dat je door dergelijke verenigingen enorm veel mensen leert kennen waarvan er velen potentiële nieuwe vrienden zijn. Ze vergeten echter wel dat je voor deze ervaring al vrienden had.


Voor ik verder ga over het derde en gelukkig laatste punt van kritiek, wil ik iets verduidelijken. Ik ben namelijk niet zo kortzichtig dat ik iedereen over dezelfde kam scheer en beken dat ik enkel in contact kom met de werking van Gentse studentenkringen. Onderstaand stuk is dus mogelijks niet 100% toepasbaar op Antwerpse, Leuvense of Limburgse verenigingen, hoewel ik dat ten zeerste durf te betwijfelen.


Het derde punt van kritiek gaat uiteraard onvermijdelijk over de studentendopen. Opnieuw een gebeurtenis die velen meemaken, maar waarvan nog veel meer mensen alles denken te weten, zonder ook maar in de verste verte te weten wat een doop inhoudt, een vergadering van een doopcomité te hebben meegemaakt of een doopdraaiboek van dichterbij te hebben bekeken. Laat staan dat ze de recentste regelgeving kennen, van het bestaan van een Doopdecreet afweten of beseffen dat Stad Gent al deze ludieke en studentikoze activiteiten stuk voor stuk goedkeurt.

Ze vergeten dat de huidige dopen extreem streng gereguleerd zijn


Studentendopen worden al jarenlang gevierd, maar jammer genoeg komen vooral de excessen in beeld. De media bespelen de volksopinie door alleen negatieve verhalen naar buiten te brengen en door zelfs expliciet naar negatieve ervaringen te vragen. Ze vergeten daarbij handig dat de huidige dopen extreem streng gereguleerd zijn door het Gents Doopdecreet en dat er controles zijn door het FK (FaculteitenKonvent, overkoepelende organisatie van alle universitaire studentenkringen) om te zien of de regels daadwerkelijk toegepast worden.


Terwijl alle dopen gelijkgesteld worden aan horrorstory’s, worden presidiumleden afgeschilderd als machtswellustige barbaren die hun frustraties botvieren op die arme, zwakke schaapjes die feuten wel niet zijn. Wederom wordt toevallig vergeten hoe minutieus de schachtentemmer samen met het presidium de doop voorbereidt, hoe de presidiumleden een EHBO-cursus volgen en hoe elk Doopcomité toezicht houdt op het verloop van de doop. Het zou eens algemeen bekend moeten zijn hoe hard schachtentemmers zwoegen om hun doopdraaiboek op te stellen en ervoor te zorgen dat het conform alle regels is. Daarnaast moeten ze de verzekeringspolissen controleren, medische fiches opvragen bij de feuten, certificaten aanvragen om bepaalde voedingsmiddelen te mogen gebruiken … en zo kan ik wel een tijdje doorgaan.

Je zal misschien je kleren niet meer volledig proper krijgen, maar so what?


Natuurlijk is de doop geen theekransje op een schattig picknicklaken in een bos, nee, het is een teambuildende activiteit die een hoop nieuwsgierige jongeren omvormt tot een hechte groep. En ja, je wordt vuil. Je zal al eens iets raars moeten opeten, je zal misschien je kleren niet meer volledig proper krijgen, maar so what? Voel je je daarna misbruikt? Is het nodig om deze ludieke namiddag af te schilderen als een tenhemelschreiend bacchanaal? Natuurlijk niet. En al helemaal niet door mensen die er zelf niets van af weten. Het enige wat zij bekomen is een nóg stereotieper beeld, dat nog verder ligt van de waarheid dan het jaar voordien. Het is logistiek praktisch onmogelijk, maar hoe graag zou ik al deze critici eens zelf een doop laten meemaken. Dan weten ze tenminste waarover ze het hebben, dan is hun eventuele commentaar tenminste gestaafd op iets, dan gokken ze tenminste niet zomaar in het wilde weg zonder te beseffen dat ze (in)direct mensen bang maken en sommigen een bijzonder leuk deel van hun studentenleven afnemen.


In het najaar van 2016 lanceerde Jasper De Pauw (procantor en prosenior Veto Gent) de hashtag #doopisdope. Hij riep op alle positieve doopervaringen te delen met de hele wereld, om een tegengewicht te creëren voor de negatieve berichtgevingen van het journaille. Tot mijn grote verbazing en ongenoegen klasseerde datzelfde journaille deze duizenden inzendingen tot quantité négligeable wegens niet geloofwaardig. Uiteraard, die enkele meningen van grote mensen die nog nooit een doop van dichtbij gezien hebben zijn veel geloofwaardiger dan die duizenden meningen van kleine kindjes die al verschillende jaren een doop meemaakten en/of leidden. Heel jammer dat dat soort mensen die zichzelf journalist durven noemen ervoor zorgen dat een deel van onze jeugd niet meer het onderscheid kan maken tussen objectieve berichtgeving en regelrechte nonsens zo niet leugens.

Zijn alle feuten die schachten geworden zijn gaan huilen bij hun mama?


En wat na de doop? Zijn alle feuten die schachten geworden zijn gaan huilen bij hun mama? Hebben ze zich uitgeschreven uit de kring, club of studierichting? Dienden ze een klacht in wegens misbruik? Uiteraard niet, of wat had u gedacht. Na de doop krijgen ze hun felbegeerde lintje en behoren ze officieel tot een tweede familie als het ware, vol camaraderie en vriendschap. Op mijn doop heb ik mensen leren kennen die ik nu als mijn vrienden beschouw. Mensen met wie ik lief en leed gedeeld heb, mensen die ik 100% vertrouw, mensen bij wie ik mij goed voel en mezelf kan zijn. Ik heb bij God mijn vriendin zelfs leren kennen terwijl ze met yoghurt een appel van mijn hoofd moest proberen gooien. Doop ís meer dan ooit dope.


If it’s not your cup of tea, don’t drink it. But please, let the others enjoy.

Categorieën: Studentenbladen

Strip

vr, 16/11/2018 - 00:19
Categorieën: Studentenbladen

Fantastic Beasts and Where to find them: The crimes of Grindelwald

do, 15/11/2018 - 22:53
599CultuurNicky Vandeghinste

De langverwachte opvolger van het eerste avontuur van Newt Scamander is sinds enkele dagen in de cinemazalen. Hordes Potterheads zijn de eerste dagen al voor het scherm neergestreken en het resultaat is een heuse crowdpleaser in de magische wereld van de jaren twintig. De openingsscène brengt je meteen in volle actie, vanuit de gevangenis vanwaar Gellert Grindelwald getransporteerd zal worden. Het stelt hem vast als de villain van de dag, die manipulerend en zeer machtig is. In tegenstelling tot Voldemort is hij echter niet kwaadaardig als pure raison d’être. Al zijn beweegreden zijn te rationaliseren en al zijn wreedheden doet hij vanuit zijn perspectief dan ook 'for the greater good'. Het is dan ook maar wat een geluk dat Johnny Depp na al die jaren besloten heeft om opnieuw te gaan acteren in zijn films.

De symboliek in deze film is vaak duidelijk maar niet zó overduidelijk dat het tegensteekt. De uniformen van de volgelingen van Grindelwald hadden net zo goed een retro Hugo Boss-ontwerp kunnen zijn: stijlvol jaren dertig met een autoritair kantje. De paralellen met de geschiedenis stoppen daar niet. Uiteraard zijn het tijdperk,  het gedachtegoed en de fascistische communicatietechnieken niet toevallig. Ergens kan het echter ook gezien worden als een commentaar op huidige retorieken, hoewel daar wat dieper voor gekeken moet worden.

Uiteraard zijn het tijdperk,  het gedachtegoed en de fascistische communicatietechnieken niet toevallig.

Wie bij de eerste film verliefd is geworden op Newt Scamander en zijn reizende magische dierentuin hoeft geen teleurstelling te vrezen door de grotere focus op de antagonist. Ook hier duiken de nifflers en Pick, de bowtruckle, opnieuw op, samen met heel wat nieuwe andere knuffelbare beestjes. Een zouwu is bijvoorbeeld een gigantische katachtige die zich ongelooflijk snel kan verplaatsen.

Criticasters zullen wijzen op het feit dat veel van deze episode in de wizarding world van J.K. Rowling voor een groot deel het opzetten is van het plot voor latere films. Voor een deel is dat zo, anders zou het ook geen deel uitmaken van een reeks. Daarnaast is het ook zo dat de meeste vrouwelijke personages aanwezig zijn ter ondersteuning van de mannen in hun leven. Bunty, de vrouw die werkt als verzorgster in het huis van Newt Scamander, wordt bijvoorbeeld geïntroduceerd, waarna je verwacht dat ze een eigen verhaal en persoonlijkheid krijgt, maar ze bestaat echter enkel in relatie tot Newt, haar werkgever. Dat McGonagall slechts eventjes op de achtergrond aanwezig is, is ook een teken dat ze er puur was als crowdpleaser, en dat is een verlies.

Voor de fangirls en -boys van het eerste en latere uur is dit een groot traktaat met genoeg referenties. Zij zullen het echt niet erg vinden naar de volgende film te moeten gaan om antwoorden te krijgen. 

Categorieën: Studentenbladen

Het GUM, een MuST voor elke student

do, 15/11/2018 - 21:10
599OnderwijsNathan PelgrimsBert SelleslaghVital Van Achte

De kolossale collectie aan academisch erfgoed die de Universiteit Gent tijdens haar bestaan heeft vergaard zal binnenkort te bewonderen zijn in het nieuwe, eengemaakte universiteitsmuseum. Zover zijn we echter nog niet, en het wordt nog een enorme opgave. De rol van de student is daarbij cruciaal.

Plastinaat van een eendenkop copyright Gents Universiteitsmuseum

Dat de UGent tot voor kort zes musea uitbaatte is informatie die voor de meeste studenten wellicht te laat komt. Maar nu is er iets nieuws op komst. In het voorjaar van 2020 opent het Gents Universiteitsmuseum (GUM) voor het eerst haar deuren. De universiteit nam de beslissing om de zes bestaande musea samen te voegen tot één. Centraal in het nieuwe museum staan de wetenschappelijke methode, haar plaats in de samenleving, en alles wat voorafgaat aan het proces van de wetenschap.

Zwerfgoed

Momenteel telt de UGent een zestal verschillende collecties, gaande van archeologie tot de geschiedenis van de geneeskunde. Samengeteld telt de erfgoedcollectie meer dan 400.000 objecten, hetgeen het de grootste academische erfgoedcollectie van Vlaanderen maakt. “De UGent bezit, naast de omschreven collecties, ontzettend veel niet-omschreven erfgoed. We noemen het zwerfgoed. Het gaat om stukken die in de kasten zitten bij de proffen of in de gangen staan van de verschillende faculteiten. Wekelijks krijgen we meldingen van proffen die zich afvragen of bepaalde onderzoeksmaterialen op hun faculteit al dan niet van erfgoedwaarde zijn”, aldus Michaël Mariën, communicatieverantwoordelijke van het GUM. Het merendeel van deze collecties is echter enkel beschikbaar op afspraak of zelfs helemaal niet opengesteld voor het publiek. Het toekomstige museum belooft hier verandering in te brengen. Alle collecties zullen samengevoegd worden, inclusief stukken die nooit eerder te zien waren.

De wetenschapper als mens

Pronkstukken van de ruime universiteitscollectie bevatten onder meer het negentiende-eeuwse paard van Auzoux, een levensgroot paard van papier-maché dat volledig uit elkaar gehaald kan worden om zo de anatomie van een paard makkelijker te kunnen begrijpen, en om te besparen op echte dissecties. “De pronkstukken van het museum zullen vooral de verhalen zijn die gebracht zullen worden", zegt Mariën.

“De pronkstukken van het museum zullen vooral de verhalen zijn die gebracht zullen worden" - Mariën.

“Zo zal je bijvoorbeeld de evolutie van de ordening van de universitaire plantentuin kunnen bekijken, naarmate nieuwe ontdekkingen gedaan werden in plantenonderzoek en er dus nieuwe soorten indelingen gebruikt werden.”  

Marjan Doom, directeur van het Gents Universiteitsmuseum

Volgens Marjan Doom, de directeur van het nieuwe museum, wordt het iets unieks: “Het wordt geen museum over de geschiedenis van de universiteit. Het wordt geen klassiek natuurhistorisch museum, ook niet over de geschiedenis van de wetenschap. Ik durf wel zeggen dat we eigenlijk iets nieuws brengen, als we kijken in het veld van de wetenschapsmusea. Het gaat specifiek over het wetenschappelijk proces, dus over het wetenschappelijk denken. Eigenlijk over alles wat eraan vooraf gaat, en het voortbrengen van onderzoeksresultaten. Heel veel natuurhistorische musea en wetenschapsmusea focussen op de resultaten, en op het in een toegankelijke taal brengen van die resultaten. Wij kijken naar het hele proces dat ervoor komt. Hoe denkt de wetenschapper? Wat is de wetenschappelijke methodiek? Welke plaats neemt die in in de maatschappij?”

"Hoe denkt de wetenschapper? Wat is de wetenschappelijke methodiek? Welke plaats neemt die in in de maatschappij?"

“We willen de wetenschapper als mens tonen. Een mens die zich kan vergissen en die niet zwart-wit is”, zegt Annelies Lust, educatief verantwoordelijke van het GUM. “Het doel is om het kritisch bewustzijn aan te wakkeren over onderzoek. De hoofddoelgroep is 15- tot 25-jarigen, maar ook iedereen die geïnteresseerd is in wetenschap. Jonger dan dat, en het nodige kritisch denken ontbreekt. De rondleidingen zullen dan ook niet saai, maar interactief zijn. Zo zal je als bezoeker zelf kunnen deelnemen aan wetenschappelijk onderzoek en activiteiten kunnen uitvoeren om de wetenschap beter te begrijpen. Hopelijk kunnen we jongeren zo goesting doen krijgen om wetenschappen te studeren, zowel alfa-, bèta- als gammawetenschappen. ” Volgens Doom vult het museum een belangrijke leegte. “Het is eigenlijk ook een soort vorming van kritisch burgerschap, een van de kerntaken van een universiteit: studenten opleiden tot wetenschappers, tot onderzoekers, om op een bepaalde manier met informatie om te gaan. En het is wel een beetje mijn aanvoelen dat er zo'n tijdsdruk zit op opleidingen en dat de curricula zo vol zitten dat dat soms een beetje uit het oog wordt verloren. Dat docenten niet voldoende tijd hebben om dat durf denken-idee nog te duiden. En die rol willen wij opnemen.”

Een toekomstbeeld van het nieuwe museum MuST

In september werd er een oproep gedaan naar studenten die geïnteresseerd zouden zijn om vrijwillig bij te dragen aan de ontwikkeling van het nieuwe museum. Het Museum Student Team (MuST) staat in voor de link tussen museum en student. Minstens twee keer per maand komen ze samen om te brainstormen over allerlei toekomstige projecten en aan workshops en activiteiten deel te nemen. Bij de lancering van het museum zouden ze ook ingeschakeld kunnen worden als echte gidsen. Maar liefst tachtig studenten toonden hun interesse om deel uit te maken van MuST, waarvan zesentwintig studenten de uiteindelijke selectie haalden. De studenten komen uit alle mogelijke richtingen. Fien Straetmans, studente geschiedenis, meldde zich aan als vrijwilliger omdat ze graag in de cultuursector terecht wou komen. “Het is de ideale plek om werkervaring op te doen.”

MuST, het studententeam achter het nieuwe museum

Diegenen die zich nu nog bij het MuST-team zouden willen voegen zijn eraan voor de moeite. Momenteel zijn ze namelijk niet op zoek naar nieuwe leden. Dat er in de komende jaren een nieuwe ledenwerving georganiseerd zou worden, sluit Annelies niet uit. “In de toekomst zouden er nieuwe studenten kunnen bijkomen, maar hoe MuST verder zal evolueren weten we nog niet. Dat zal afhangen van onze ervaringen tijdens het eerste jaar.” Of MuST in een volwaardige studentenvereniging zal evolueren is nog niet duidelijk. Dat het er is om te blijven wel. “Dat de student betrokken wordt bij de werking van het museum, dat lijkt mij de logica zelve. De input van die 18- tot 25-jarigen, voor wie we het ten slotte dan ook doen, die is cruciaal.” vindt Marjan Dooms. “De student is een heel belangrijk deel van ons doelpubliek. Het is ook echt de bedoeling dat het voor studenten als een plek voor hen aanvoelt. Dus als het gaat om wat voor filmvertoningen we moeten programmeren om de student binnen te krijgen, dan zijn de MuST-studenten ons klankbord. Maar het gaat ook veel verder dan dat. Nu nemen we dat team richting de opening helemaal mee in onze werking, en wordt dat op termijn bijna een van onze bestuursorganen, als een soort young board."

Wie nog twijfelt om in 2020 een bezoek te brengen aan het nieuwe museum heeft bovendien niets te verliezen, voegt Doom nog toe. "We zitten natuurlijk in de museumsector, dus we zetten onze prijs voor een extern publiek zoals een ander museum. Maar voor de student en de UGent'ers is een bezoek gratis."

Categorieën: Studentenbladen

The Schamper Times

do, 15/11/2018 - 20:44
599OnderwijsWout Vierbergen

Studentenvertegenwoordigers heb je in alle soorten en maten, maar één ding hebben ze gemeen: ze proberen er in allerhande commissies, raden en organen over te waken dat de belangen van iedere student behartigd worden. Quis custodiet ipsos custodes? Een tweewekelijkse update in het reilen en zeilen van onze stuvers.

Antwerpen en Leuven flirten met VLIR

Het Vlaamse onderwijslandschap bestaat uit verschillende niveaus met raden en commissies op elke laag. Een daarvan is de Vlaamse Interuniversitaire Raad (VLIR), het overlegorgaan van de Vlaamse universiteiten. In die raad hebben studentenvertegenwoordigers decretaal bepaald een waarnemende rol die ingevuld wordt door de Vlaamse Vereniging voor Studenten (VVS). Nu hebben de KU Leuven en de UAntwerpen, nadat ze twee jaar geleden uit VVS gestapt zijn, een eigen, gedeelde zetel gekregen in de VLIR. Dit officieel als overgangsmaatregel om hen terug bij VVS betrokken te krijgen.

De Gentse Studentenraad is teleurgesteld dat er een tijdelijke extra zetel zal gecreëerd worden voor de studentenraden van de UAntwerpen en de KU Leuven: "We vinden het nog steeds belangrijk dat zij betrokken worden in de universitaire dossiers en hun studenten gehoord kunnen worden, maar daar is VVS juist hét kanaal voor."

"Voor de andere universitaire studentenraden, zoals de Gentse Studentenraad, die wél willen blijven investeren in het decretaal verankerde overlegorgaan, voelt het aan alsof de studentenraden van de UAntwerpen en de KU Leuven op deze wijze een gepriviligeerde positie krijgen, en de positie van VVS en de andere instellingen hierdoor verzwakt. Hiermee kunnen wij niet akkoord gaan", aldus de Gentse Studentenraad.

Appelen met peren vergelijken

Net zoals wij studenten in cycli van 12 weken ons toewerken naar een evaluatiemoment zijn ook de opleidingen en onderwijsinstellingen zelf onderhevig aan evaluaties. Vroeger waren het de befaamde externe visitaties, die elk een van de meer dan 220 opleidingen onder de loep namen. Deze gaven de garantie dat opleidingen in Vlaanderen aan dezelfde kwaliteitsstandaarden zouden voldoen. Deze vorm van evalueren is ook verder geëvolueerd doorheen de jaren en sinds 2015 is elke instelling verantwoordelijk voor de kwaliteit van haar eigen opleidingen. De instellingsreview, die wel extern bleef, zou dan ook bekijken hoe de instelling zelf de kwaliteit van haar onderwijs verzorgde.

Aan de UGent kregen deze interne opleidingsevaluaties de vorm van peer-leerbezoeken. Drie opleidingsvoorzitters, een externe vakspecialist, een student en een medewerker van de Directie Onderwijsaangelegenheden vormen daarin een team en bezoeken een dag lang een opleiding waarna ze o.a. werkpunten voor de opleiding opstellen en oplijsten wat de opleiding voorbeeldig maakt. Zo wordt elke opleiding iedere zes jaar gecontroleerd.

Na een testperiode is het decreet nu gewijzigd waardoor deze interne evaluaties permanent geworden zijn. Door deze decreetswijziging zal de universiteit ook haar peer-leerbezoeken herbekijken. De Gentse Studentenraad heeft destijds zeer actief meegewerkt aan de vormgeving van de huidige peer-leerbezoeken en zal ook nu weer actief aan de gesprekken deelnemen. Zelfs de evaluatiemethodes moeten geëvalueerd worden en ontsnappen niet aan kritische oordelen over efficiëntie en effectiviteit!

Categorieën: Studentenbladen

Just UGent Things: Belvedère

do, 15/11/2018 - 20:12
599OnderwijsSelin Bakistanli

Halleluja, de werken aan de buitenkant van de Boekentoren zijn eindelijk rond! Wie had gedacht dat de prachtige belvedère (voor de leken: de top van de toren), met die mooie ramen, ooit nog te bewonderen zou zijn? Die belvedère werd tijdens de Duitse bezetting trouwens gebruikt als observatiepost. Na de oorlog, toen de schade werd opgemeten, stelde men een waterlek vast in de ruimte. Nadat de Duitsers zich gewonnen gaven in een gentleman's agreement met de Britten, en dus Gent veilig zouden mogen verlaten, was Duits bevelhebber Daser niet zo tevreden. Om te vermijden dat de geallieerden de observatiepost zouden overnemen, wilden de Duitsers de bovenste verdiepingen van de Boekentoren laten ontploffen. Een dedicated bibliothecaris praatte echter op hen in, waardoor de Duitsers 'gewoon' het kanon in de belvedère hebben laten ontploffen, wat uiteindelijk zorgde voor een lek, die tot de recente renovaties nog voor kopzorgen zorgde. Oftewel: denk twee keer na voor je een Duister boosmaakt.

Categorieën: Studentenbladen

Kort

do, 15/11/2018 - 19:16
599OnderwijsMathias Stichelbaut

Die gekke Ouwezak (cantus Geografica, 23/11) met zijn witte baard en helpers vol roetvegen zijn terug na een jaartje luilekkeren aan de Spaanse kust. Sinterklaas kapoentje, wat leg jij dit jaar in mijn schoentje?

Misschien vraag ik wel nieuwe sportschoenen, want die zijn gedrenkt in jenever na de Jeneverloop (VLK en VTK, 19/11 en LILA, 20/11). Zonder sportschoenen een Minivoetbal 1/16 finale (IFK, 26/11) winnen, dat zal iets te uitdagend zijn. Of zou ik toch gaan voor een zonnebril? Mijn pokerface op de Pokeravonden (Filologica, 19/11; VEK, 20/11 en Geologica, 28/11) kon wel een upgrade gebruiken. Of nee, ik vraag lekkerwarme handschoenen! Die ben ik namelijk vergeten op de Schaats TD (VGK en HILOK, 21/11). Een nieuwe trui is ook een optie. Al die Spaghettiavonden (Veto, 19/11; Politeia, 22/11 en Wase, 5/12) en Dessertenavonden (GUK, 20/11) lieten een blijvende indruk achter als kunstzinnige motiefjes.

Zou ik alcohol durven vragen aan de goedheilige man? Er zijn wel enkele excellente whisky's (VRG, 20/11) of longdrinks (Lombrosiana, 20/11) die niet zouden misstaan naast mijn quasi lege fles Bacardi en de goedkoopste gin die ik in de AH vond. Ach, dat vormt vast geen probleem! Oude mannen met baarden houden van alcohol, zo bewijst ook de proffentap(Dentalia, 21/11)!

Iets uit de entertainmentafdeling staat ook hoog aangeschreven op de verlanglijstjes, niet? Zou het GUSO een cd uitbrengen met hun Najaarsconcert (GUSO, 30/11)? Mijn zangstem zou in ieder geval een mooie aanvulling zijn, dat hebben ze me verteld op die Zangavond (Moeder Lies, 28/11) even terug. Een klassiek concerto, een heavy metal meeting of een Rocknight (GBK, 22/11), mijn stem kan àlles aan.

Mijn hersenmassa, dat is een ander verhaal. Zoveel om uit te kiezen, en dan liet ik de Dreamlandfolders nog links liggen. Wat doe ik met alle inspiratie die ik heb opgedaan op de Upperdare M/V/X (VG, 21/11)? Zucht, te veel keuzestress, ik kan het niet meer aan. Sinterklaas kapoentje, weet je wat? Leg het allemaal maar in mijn schoentje.

Categorieën: Studentenbladen

De prijs van een vingerafdruk

do, 15/11/2018 - 18:49
Schamper599WetenschapSelin Bakistanli

Je ooit eens afgevraagd wie je spullen heeft aangeraakt en geprobeerd het uit te vissen met een vingerafdrukanalyse? Wij ook niet, maar we geven je toch mee hoe zoiets zou moeten. Leest u mee, meneer Jambon?

Het zichtbaar maken en analyseren van vingerafdrukken heet dactyloscopie, en is veel voorkomend in politieseries. Wij zijn echter eeuwige sceptici en wilden zelf eens zien of dit eigenlijk zo eenvoudig is als het lijkt in CSI en co. Onze aanvankelijke kennis blijkt al meteen beperkt, want er zijn maar liefst drie verschillende methodes om vingerafdrukken zichtbaar te maken en ze vereisen niet allemaal een kwastje en poeder. Vingerafdrukken zichtbaar maken kan op een optische, chemische of fysische manier. Via de optische methode probeer je door middel van licht een contrast te krijgen tussen het spoor en de ondergrond. Wij wendden ons tot twee overige: de chemische en de fysische methode. Spoiler alert: ze waren niet allebei even succesvol.

Das Theorie

Laten we eerst beginnen bij het begin: dacht je ook dat iedereens vingerafdrukken uniek waren? Dat zou kunnen, maar we weten dat eigenlijk niet zeker. Om dit op een sluitende manier te kunnen zeggen zouden we alle vingerafdrukken ter wereld moeten kennen. Jambon en co krijgen vast spontane erecties bij de gedachte aan zo'n grootschalig experiment, maar #WijWeigeren en leggen ons neer bij de onzekerheid van de stelling. Deze onzekerheid is echter ook niet zo groot, dus heeft een vingerafdrukanalyse bij het oplossen van misdaden wel enige bewijswaarde. 

Dacht je dat iedereens vingerafdrukken uniek waren?

De groefjes, of in vakjargon de 'papillairlijnen', kunnen op drie verschillende niveau's onderscheiden worden. Eerst en vooral zijn er de patronen van de groeven, waar wij ons vooral op zullen focussen in ons rudimentair experimentje. De basispatronen die er zijn zijn bogen (lussen naar rechts of links) en kringen. Op het tweede niveau kan je ook kijken naar individuele papillairlijnen, bijvoorbeeld de loop van een lijn, de lengte ervan of de uiteindes. Het derde niveau betreft details van de lijnen, zoals breedte. Wanneer er minimaal twaalf overeenkomsten zijn tussen sets van vingerafdrukken, kunnen ze geïdentificeerd worden. 

Das Experiment

Na de plechtige belofte dat we ze niet zouden doorgeven aan de overheid, namen we de vingerafdrukken af van drie bevallige assistenten en lieten hen daarna verschillende objecten aanraken. Bedoeling: achteraf de spullen linken aan hun aanrakers door middel van de vingerafdruk analyse. De miserie begon al bij het afnemen van de vingerafdrukken. In politieseries wordt dit echt te simplistisch voorgesteld. Je moet met verschillende factoren rekening houden: niet te hard drukken op het stempelkussentje, niet te hard drukken op het blad én zorgen dat de vingerafdruk groot genoeg is zodat alle patronen zichtbaar zijn. Nadat alle vingerafdrukken mooi op ons blad staan, overhandigen we enkele bekers aan onze proefkonijnen. Ze houden die een tiental seconden vast, en tekenen een symbool aan de onderkant zodat achterhaald kan worden of we de juiste bekers linken aan de juiste personen. 

"Doet de politie dat ook zo?" - een sarcastisch proefkonijn

Enthousiast beginnen we aan de fysische methode. De bedoeling is hier om de onzichtbare vingerafdrukken in fysische interactie te brengen met bepaalde stoffen, waarna ze zichtbaar worden. Het poederen in politieseries is hier een voorbeeld van. Nadat het oppervlak gepoederd is en de vingerafdruk zichtbaar is, kan die met plakband van het oppervlak gehaald worden. Op internet lezen we dat magnesiumpoeder hiervoor geschikt is. Op naar het Kruidvat, waar ze dit vast wel zullen hebben. Of niet? We kopen magnesiumvoedingssupplementen in poedervorm, maar wanneer we de verpakking openen merken we dat het dikke korrels zijn en geen poedertje. Kut. Poedersuiker dan maar. De poedersuiker hecht zich niet poederig genoeg op het oppervlak, waardoor er geen vingerafdruk zichtbaar wordt. Met een stuk touw improviseren we een kwastje, maar zelfs dit kan geen soelaas bieden bij het proberen verspreiden van de poedersuiker. Abort mission. "Doet de politie dat ook zo?" vraagt een proefkonijn sarcastisch. Fuck off, proefkonijn.

Das Chemie

Hoewel chemie nooit ons favoriete vak was op de middelbare school, zoeken we toch redding bij deze wetenschap om gezichtsverlies te vermijden. Hier is juist chemische interactie de bedoeling. Een van de chemicaliën dat gebruikt kan worden is cyanoacrylaat. Google leert ons dat dit een van de ingrediënten is van superlijm. En laat dat nu net in onze bureaulade liggen. Low energy to the max. We zetten de aangeraakte bekers een voor een in een luchtdichte doos waarin superlijm verhit wordt - wij gebruikten een oliebrander, maar andere verwarmende objecten zouden ook kunnen - waardoor de cyanoacrylaat verdampt en zich hecht aan de onzichtbare vingerafdrukken die vervolgens wit worden. Tip: doe dit niet in een kleine gesloten ruimte, leer van onze fouten.

De makkelijkste vingerafdruk was die van proefkonijn D.

Wanneer de bekers uit de doos gehaald worden, werpen wij onze blik op de inmiddels zichtbare vingerafdrukken. We focussen ons op de duimafdrukken, waar heel herkenbare patronen te vinden zijn. Onze drie proefkonijnen hebben toevallig ook drie verschillende basispatronen in hun vingerafdrukken (altijd al geweten dat ze basic waren), waardoor het linken van de bekers aan de proefkonijnen makkelijker wordt. Proefkonijn T. heeft als enige een mooie, heldere lus naar links. We koppelen de beker met het krulletjessymbool moeiteloos aan hem. Thank you, next. Proefkonijn D. wijst ons op het illuminati-oog in de vingerafdrukken van proefkonijn V. Onder de dactyloscopen noemen we dit 'een boog'. En inderdaad, wanneer wij de beker met de ruitjes bekijken kunnen we een boog onderscheiden in de afdrukken. De makkelijkste afdruk was die van proefkonijn D., die een prachtige kring heeft die van mijlenver herkenbaar was. 

Das Résumé

Wat concluderen we hier nu uit? Vingerafdrukken verraden echt wel veel. Wij testten het met bekers, maar andere mogelijke situaties zijn eindeloos. Toch betwijfelen we of vingerafdrukanalyse de meest effectieve oplossing is in de strijd tegen identiteitsfraude. De Kamer keurde het wetsvoorstel van Jan Jambon goed en vanaf april zullen de nieuwe elektronische identiteitskaarten ook onze vingerafdrukken bevatten. Dit tegen de wil van het merendeel van de bevolking en de Privacycommissie in. De nationale veiligheid gaan ze er misschien niet mee kunnen garanderen, ontdekken wie welke bekers gebruikt op onze redactie helaas wel. 

Categorieën: Studentenbladen

De codex gedecodeerd

do, 15/11/2018 - 18:45
599OnderwijsWout VierbergenNicky Vandeghinste

In de zakken van de kielen van de leden van Gentse studentenverenigingen hangt vaak een plakkerig blauw boekje: de Gentse studentencodex. Dit liederboek slepen ze mee naar menig cantus om toch maar met hun zatte botten hun tekst nooit kwijt te zijn.

Gent (p. 392)

Net als achter de liederen in de codex die vele studenten wekelijks zingen, zit er achter de Gentse codex ook een heuse geschiedenis. Tot in 1993 heeft het SeniorenKonvent Ghendt (SK) zijn eigen codex gehad (kleine noot: konventen zijn overkoepelende organisaties die studentenkringen of -clubs van een bepaalde soort met elkaar verbinden). Zo verenigt het SeniorenKonvent de streek-, café- en hogeschoolclubs, het FaculteitenKonvent (FK) 29 opleidingsgebonden studentenkringen, en is het Home Konvent (HK) de overkoepelende organisatie boven de individuele homes. “In ‘93 had het SK het financieel moeilijk waardoor ze problemen hadden met het uitgeven van een nieuwe druk", vertelt Jern Vermeiren van Studentikoos Centrum Ghent (SC Ghendt). "De toenmalige Senior Seniorum (voorzitter, red.) van het SK heeft toen contact gezocht met het KVHV. Op dat moment heeft het KVHV de Leuvense codex overgenomen met een aantal aanpassingen en ‘vergentsingen’. Zo werden de Gentse clubliederen erin geplaatst in plaats van de Leuvense en kreeg de codex de blauwe kaft die op dat moment al gangbaar was in Gent.” Dit is volgens Vermeiren steeds een doorn in het oog geweest van oude Gentse studenten. “Bij SC Ghendt merkten we dat op oud-ledenactiviteiten, zeker de laatste jaren (een eeuwigheid geleden, red.), net voordat ik Senior Seniorum geworden ben. Ook was het zeer lastig om aan Leuven te vragen om wijzigingen door te voeren. Dat was altijd een heel gedoe. Op dat moment is er een werkgroep opgericht om na te gaan wat de mogelijkheden waren om Gent zijn eigen codex terug te geven. Een identiteit los van de Leuvense groene codex waar wij een kopie van kregen.” Daaruit is SC Ghendt ontstaan.

Jern en Stephanie van Studentikoos Centrum Ghendt Studentenlied (p. 132)

Studentikoos Centrum Ghendt kende zijn oorsprong dus in een identiteitscrisis van Gentse studenten die het heft, hun codex, weer in eigen handen wouden nemen. Maar veel meer dan dat weten studenten niet over SC Ghendt, de organisatie die sinds 2013 de Gentse codex samenstelt en uitgeeft. Zelfs de konventsvoorzitters van het Home Konvent en het Facultulteitenkonvent, twee van de drie konventen, die zeer nauw betrokken zijn bij de codex en al het gebeuren errond, blijven ons een duidelijk antwoord verschuldigd op de vraag wie SC Ghendt is of wat ze doen. Het derde konvent, het SK, blijkt een iets duidelijkere notie te hebben van wat SC Ghendt is. “Hoe de codex nu gemaakt en uitgegeven wordt is absoluut niet transparant, maar op dit moment heb ik toch nog nooit klachten gehad van het HK daarover. Wij hebben daar op dit moment niet zo’n problemen mee, maar je kunt het niet transparent noemen. Er is weinig communicatie over wat er in de codex staat”, vertelt Jessie Hanssen, voorzitter van het HK. Julien Marbaix, voorzitter van het FK, sluit hierbij aan: “Ik had eerder dit jaar op de Vergadering der Konventsvoorzitters (VKV) aangehaald dat het handig kan zijn om de codex terug onder de studentenpopulatie te brengen. De codex is een belangrijk deel van het studentenleven, voornamelijk dan voor kringen en clubs van het HK, FK en SK. Ik wil absoluut vermijden dat we eindigen zoals Leuven, waar er een oude zak is die instaat voor het uitgeven van de codex. We willen als studenten heel makkelijk aanpassingen kunnen doen en nog steeds onze zeg hebben over onze codex.” Ook voor Hanssen zou meer communicatie over wat er wel en niet in de codex komt interessant zijn. “Dit kan niet via e-mail gebeuren, dat is een beetje te veel eenrichtingsverkeer.”

"Een identiteit los van de Leuvense codex, waar wij een kopie van kregen" - Jern

Volgens sommige geruchten heeft het SK reeds besloten om de editie van 2020 uit te brengen onder het SK. Volgens het SK en SC Ghendt zelf is dat absoluut niet waar. “Dat is een gerucht dat wel een paar keer de ronde deed, maar daar is nooit iets concreet van gekomen. Ik denk niet dat dat de bedoeling is”, aldus Xeno De Vriendt, huidig Senior Seniorum van het SK.

Testament van een oud-student (p. 142)

Jern Vermeiren, ooit Senior Seniorum van het SK en ondertussen al tien jaar werkmens, was samen met drie anderen de drijvende kracht achter het opzetten van de codex: “We hebben de eerste druk opgericht met middelen die ons geschonken zijn door oud-leden van het SK.” Ondertussen draait het Studentikoos Centrum Ghendt nog steeds met de oorspronkelijke groep. “Er is wel enorm veel hulp en invloeden van de huidige generatie studenten”, vult Stéphanie Burick, voorzitter van SC Ghendt en ondertussen ook al werkmens, aan.

"Ik denk dat studenten nuchter genoeg zijn" - Stephanie

De codex kost tien euro, waarvan er een euro naar het Kinderkankerfonds gaat. De druk van de codex zelf zou zo’n zes euro kosten. De resterende drie euro zou terug gaan naar de student. Dat is weliswaar wat de ronde doet, maar niemand schijnt te weten waar dat geld precies naartoe gaat, of op welke manier dat terug naar het studentenleven vloeit. “We moeten sowieso een marge houden om de volgende druk van de codex te kunnen bekostigen”, ligt Jern toe. “Als we niet kunnen voorzien in de tweede druk, hebben we dezelfde problemen die het SK in ‘93 heeft gehad en moeten we binnen dit en vijf jaar terug naar het KVHV stappen om aan hen te vragen om weer een codex uit te geven onder hun naam.” Verder vertelt Stephanie over enkele zijprojecten: “We hebben een West-Vlaamse codex uitgebracht en we zijn bezig met een partiturenboek samen te stellen. Allemaal projecten voor studenten, maar ook die kosten geld.”

Polly-Wolly-doodle (p. 332)

De liederen die in de codex staan zijn vaak eeuwenoud en geven dus uiting aan een andere tijdsgeest dan die waarin we nu in leven. Zowel het meer subtielere seksisme als een kolonialistisch perspectief kan je er wel in terugvinden. Het seksisme gaat van een student die wel eens naar een meisje pinkt in Student zijn,  naar Anne-Marieken die slaag krijgt en de groepsverkrachting in Drie vrienden. Het meest flagrante voorbeeld van racisme is de zin “And I jumped upon a nigger for I thought he was a hoss” in Polly-Wolly-doodle, dat dateert uit 1880. Men zou zich kunnen afvragen of zoiets nog in een liedjesboek moet, nu we bijna universeel akkoord gaan dat het zesde woord daarvan gewoon niet in de mond hoort genomen te worden. Jern en Stephanie van SC Ghendt vertellen ons dat zoiets volgens hen in zijn historische context moet gezien worden. Stephanie: “Ik denk dat studenten ook wel nuchter (pun not intended, red.) genoeg zijn om die liederen in hun historische context te plaatsen. Ik denk dat ze die link wel kunnen leggen en daar niet iets racistisch van gaan maken.” Volgens Vermeiren zou het eruit halen van bepaalde liederen zelfs censuur zijn. “Is dat niet de slogan van UGent? ‘Durf denken’? Als je durft denken, ga je ook om met de historie van een lied. Wat misschien beter is, is om die liederen te kaderen. Wij kunnen een omkadering schrijven rond bepaalde liederen, en dat dan publiceren via Facebook of de website.” Wanneer een iets of enkele dingen in een lied echter in opspraak komen, zou het niet aangepast kunnen worden. “We zetten er de liederen in zoals ze origineel geschreven zijn, zoals ze gepubliceerd zijn op het moment van het schrijven van het lied. Wanneer er voldoende vraag naar is vanuit de clubs, de kringen en de homes om een lied niet meer op te nemen in de codex, dan staan wij daar open voor.” Hier ligt de nadruk op de nood aan voldoende vraag om een lied eruit te halen. “Omdat bepaalde mensen zich daardoor aangesproken voelen liederen bannen, dat vind ik te ver gaan omdat je op dat moment de mensen daar ook niet meer over laat nadenken.” Ook Marbaix ziet een tweedeling tussen geschiedenis en inhoud. “Het zijn nog de oude gebruiken. Wij kennen die liedjes en we zingen die, maar het is niet dat wij zo zijn. Je ziet dan wel door het verschil in periode dat het toen accepteerbaar was. En ja, het toont ook aan dat we daar nu kunnen over praten.”

Ik vind het tijd dat er wordt gebabbeld over de codex.” - Jessie Hanssen

Maar hij vindt ook dat als iemand een probleem heeft met iets, dan daar aanpassingen aan moeten gebeuren. De praesessen van het SeniorenKonvent en van het Home Konvent beamen dat. “Ik vind dat we niet gewoon kunnen zeggen: ‘We laten het zo, want het is traditie.’ Dat vind ik een flauw excuus. Tijden veranderen, we moeten rekening houden met elkaar. Voor mij is de codex oké, ik voel me niet aangevallen, maar je kunt niet afgaan op het antwoord van een iemand.” Zij zou graag het debat aangaan. “Ik vind dat het tijd is dat er gebabbeld wordt over de codex, in plaats van enkel een tweejaarlijks mailtje te sturen. En dan zeker ook over de inhoud van bepaalde liederen.” Xeno De Vriendt zegt erover: “Ik vind niet dat we dit na de klacht van een persoon moeten doen, maar als echt verenigingen, kringen en clubs zich daar achter zetten, en zeggen 'dit kan écht niet’, dan kan daar zeker over gesproken worden.”

Plak hier je clublied in (p. 547)

Sinds enkele weken is de nieuwe druk van de Gentse codex, die van 2018, beschikbaar. Volgens SC Ghendt is de Overpoort Bowling en de Canard Bizar uitgerust met deze editie. Eerst werd wel nog de voorraad van de editie van 2016 uitverkocht. Bij het Home Konvent waren door de timing wel enkele problemen, zegt Jessie Hanssen: “Wij hebben een nieuwe club, Mercator, die dus hun clublied voor de eerste keer in de codex heeft staan in de druk van 2018. Zij wilden dus heel graag de nieuwe druk hebben. Ik weet dat die heel hard op zoek waren en de nieuwe versie niet vonden. Overal hebben ze andere excuses gekregen!”. Ze zegt zelf ook contact opgenomen te hebben met SC Ghendt via hun Facebookpagina en een mailtje te hebben gestuurd, maar ze heeft op geen van beide antwoord gekregen.

Categorieën: Studentenbladen

Terug naar 't unief anno 1918

do, 15/11/2018 - 18:43
Een korte schets van het studentenleven na WOI599OnderwijsPieterjan SchepensElla Roose

Dat was het dan, honderd jaar Eerste Wereldoorlog. Mooi afgesloten op elf november om elf uur ‘s ochtends. Nooit meer oorlog, en terug naar huis!

Onze voorvaders en -moeders konden evenwel niet rekenen op zo'n mooi sluitstuk: terwijl de soldaten aan het westelijk front de wapens neerlegden, vlogen in het Oosten de kogels om bolsjewistische oren, en werd zelfs in Duitsland her en der de rode vlag gehesen. Ook aan de Rijksuniversiteit Gent was het vanaf elf november niet eenvoudigweg back to school.

We schrijven de nadagen van de Eerste Wereldoorlog. Professoren en studenten van de Vlaamsche Hogeschool slaan op de vlucht richting Duitsland en Nederland. In omgekeerde richting keren Gents burgemeester Emile Braun, en de internationaal gerenomeerde geschiedenisprofessoren Henri Pirenne - bekend uit menig Marc Boone-les - en Paul Fredericq uit Duitse ballingschap terug naar Gent. Een woedende menigte slaat studentencafé De Halve Maan aan diggelen, cafébaas en dochters inbegrepen. In zijn troonrede op 22 november kondigt koning Albert aan dat de regering zijn schouders achter de vernederlandsing van de Gentse universiteit zal zetten. En in zijn eerste vergadering na de terugkeer van de burgemeester, besluit de Gentse gemeenteraad dat de Gentse universiteit à titre définitif terug moet keren naar de staat waarin ze zich bevond voor de Duitse bezetting. Professor, schepen en flamingant Camille De Bruyne, nochtans vers terug uit Duitse ballingschap, weigert dit voorstel te ondersteunen en wordt uit zijn ambt gezet.

De man die Marc Boones hart sneller deed slaan, Henri Pirenne

Paul Fredericq in ballingschap UGent bezet

Een poging tot orde scheppen in dit kluwen. Het twistpunt van dienst is overduidelijk de vernederlandsing van de Gentse universiteit. Voor de oorlog werden slechts enkele vakken in het Nederlands gegeven, maar was de vernederlandsing wel een van de grote strijdpunten van de Vlaamse beweging, die een Vlaamstalige elite wou kunnen opleiden. De Duitse bezetting had dit in een stroomversnelling gebracht. In een poging de Vlamingen te paaien, begunstigde Duitsland de status van het Nederlands in België. Franstalige straatnaambordjes in Gent werden vervangen door Nederlandse, en in 1916 werd de Gentse Universiteit, gesloten sinds het begin van de oorlog, heropend als eentalig Nederlandse “Vlaamsche Hoogeschool” - vertel aan je vrienden van Artevelde en HoGent niet dat in deze periode de term ‘hogeschool’ nog als synoniem voor ‘universiteit' werd gebruikt, of ze krijgen nog pretenties.

Heropend? Voor velen, een groot deel van de Vlaamsgezinden inclusief, was de Hogeschool uiteraard een project van collaborateurs. Twee van de grootste namen van de universiteit, Henri Pirenne en de flamingant Paul Fredericq, protesteerden en werden prompt door de Duitsers getrakteerd op een enkeltje ballingschap in Duitsland. Een golf van internationale kritiek volgde. Ook onder de bevolking was de Vlaamsche Hoogeschool weinig populair: de festiviteiten werden genegeerd, en van zodra de kans zich voordeed, moest De Halve Maan, waar de studenten van de Hogeschool zich graag ophielden, eraan geloven.

Opening van de Vlaamsche Hoogeschool

Studentenhuis Hou ende Trou. Toch iets goeds dat de Duitsers deden het eerste studentenhuis aan de UGent en daarmee de voorloper van de Brug en de Therminal Taalspreidstand

Na de oorlog bevond de elite zich in een complete spagaat. Onder druk van koning Albert, die de radicalisering van de Vlaamse beweging wou tegengaan, had de regering aangekondigd dat er in Gent een Nederlandstalige universiteit zou komen. Tegelijkertijd radicaliseert het verzet tegen de vernederlandsing in het Gentse stadsbestuur en aan de universiteit. Tijdens de heropeningszitting verklaart burgemeester Braun de vernederlandsing tot een bedreiging voor de nationale orde, en zelfs Paul Fredericq, voor enkele maanden rector, staat weinig enthousiast tegenover de vernederlandsing. Slechts in 1923, na hevig protest en een regeringscrisis, stemt het parlement voor een compromis: er zal een Nederlandstalige en een Franstalige afdeling aan de Gentse universiteit worden opgericht, waarin telkens twee derde van de vakken in de eigen taal, en een derde in de andere taal zal worden gegeven. Geen van beide kampen is er gelukkig mee: de universiteit raakt bekend als de half-en-halfuniversiteit en als de Nolfbarak, naar de minister die het wetsvoorstel indiende. De Franstaligen richten tot overmaat van ramp een Ecole des Hautes Etudes waar de Nederlanstalige vakken in het Frans worden gedoceerd. Uiteindelijk wordt de universiteit in 1930 definitief vernederlandst.

Dit is Vlaamse grond de UGent definitief vernederlandst

Bron: UGentMemorie

Categorieën: Studentenbladen

Overdacht

do, 15/11/2018 - 15:56
599CultuurNathan Laroy

'Overdacht', het gedicht van deze editie, werd geschreven door eerstebachelorstudent psychologie Nathan Laroy. Wil jij jouw gedicht ook in Schamper? Stuur dan een mailtje naar cultuur@schamper.be.

Illustratie door Vincence De Gols

Categorieën: Studentenbladen

Identiteitsfraude

do, 15/11/2018 - 15:33
599OpiniePieterjan Schepens

Ik citeer Het Laatste Nieuws, editie van maandag 12 november 2018:

“Gentse preses studeert niet eens aan unief, maar doet vijf jaar alsof”

Voorpaginanieuws! De trommels der verontwaardiging roffelen, de student is decadent, hij studeert niet en als hij al studeert, haalt hij zijn bachelor op vijf jaar en niet op drie. Straks doet hij nog alsof hij vijf jaar studeert en niet drie!

Straks doet hij nog alsof hij vijf jaar studeert en niet drie!

Wij waren van plan het verhaal over de stoute praeses in The Schamper Times (p. 15) te brengen. Toegegeven een rubriek over studentenvertegenwoordigers, maar waar anders moesten we het nieuws kwijt? Best wel lachen, praeses zijn en niet studeren, maar een rubriek met geroddel hebben we niet meer sinds onze Achterklap gesneuveld is. De stuvers hadden het dus met wat minder inkt moeten stellen. Bonus: toen we onze stuverrubriek - voorheen Le monde stuveresque - deze zomer wouden rebranden, hebben we even de naam Het Saaiste Nieuws overwogen. Nooit hadden we durven bevroeden hoe innig de band met Het Laatste Nieuws wel niet zou blijken.

Zou het ongenereus zijn van mij om te vermelden dat “Slechts helft studenten haalt binnen vijf jaar bachelordiploma” niet op de HLN-voorpagina is gekomen? Jazeker! Onze Chemicapraeses voorziet ons immers van een belangrijk argument pro de invoering van vingerafdrukken op identiteitskaarten. Die zou immers helpen in de strijd tegen identiteitsfraude. En dat willen we uiteraard niet, dat Chemicapraesides ons zomaar kunnen bedotten met hun identiteit. Een eenvoudig vingerafdrukje, en wanneer het scansysteem aan de ingang van de universiteitsgebouwen luid BIEP zegt, weten we allemaal wat voor stouterik onze Chemicapraeses wel niet is. En dan kunnen alle studenten weer rustig verdergaan met studeren, voor zij die het op drie jaar doen, en met drinken, voor zij die het op vijf jaar doen.

Categorieën: Studentenbladen

Hé, Holebi!

wo, 14/11/2018 - 23:26
599CultuurVincence De Gols

In het holst van de - weer stevig uit de hand gelopen - nacht, kroop je er wellicht al voorbij. De Heholebiclub in de Overpoort zag een week geleden eindelijk het levenslicht. Voorlopig nog onontgonnen terrein voor studenten, maar niet gevreesd, want waar mysterie heerst, arriveert Schamper eerst.

Opvallend gezelschap voor de befaamde feestbuurt in Gent. Sinds kort kan je er de regenboogvlag zien schitteren. Daaronder prijkt ook de gastenlijst op de ruit. En die is uitgebreid: iedereen is er namelijk welkom. De kleurrijke gevel is het harde werk van Martin Vande Walle, uitbater en oprichter van de zaak. "Alles is nieuw en springt meteen in het oog", beaamt Vande Walle. "Als je overdag aan het werken bent, zie je mensen elke dag foto's nemen van de gevel." Maar hoewel de buitenkant opvalt, blijft het concept voor heel wat Gentenaars toch obscuur. "Je ziet dat mensen schrik hebben om binnen te komen, heel raar." Maar de uitbater begrijpt de angst. "Het zal zijn tijd nodig hebben. Het lijkt misschien speciaal langs buiten, maar uiteindelijk wil ik hierbinnen gewoon een danscafé waar iedereen welkom is."  

"Uiteindelijk wil ik gewoon een danscafé waar iedereen welkom is"

R.E.S.P.E.C.T.

"Ik wil iets doen voor de mensen die zich in andere clubs niet op hun gemak voelen," vertelt Vande Walle. De buurt in en rond de Overpoort staat bekend om zijn criminaliteit en seksuele intimidaties. Vooral de eerder sobere aanpak van die problematiek valt bij veel Gentenaars in slechte aarde. "In veel clubs word je geweigerd wanneer je kledingstijl, huidskleur of geaardheid hen niet aanstaat. Op dat vlak onderscheiden wij ons van die doorsnee cafés, want hier mag écht iedereen binnen. Heholebi vormt een plek waar mensen zichzelf kunnen zijn, welke geaardheid of kledingstijl ze ook hebben. Zolang je elkaar respecteert, verwelkomen wij iedereen. En als we zien dat iemand de sfeer bederft, grijpen we direct in." Negatieve commentaar hierop, deert Vande Walle niet. "Commentaar krijg je sowieso. Het is een speciaal concept, maar het is vooral proberen. We zien wel mettertijd."

These boots are made for dancing

Houd die knee high boots, zweep of grenzeloze feesttintelingen dichtbij, want Heholebi heeft heel wat in petto. "Wanneer de zaak volledig af is, gaan we thema-avonden organiseren. Avonden met enkel mannen of vrouwen, of drag queens die eens komen dansen in onze kooi. En de muziek, die is sowieso afwisselend." Ja, dat las je zonet. De club heeft een kooi. Nee, niet voor je huisdier, wél voor de danser. "Die maakt het meer kinky," bevestigt de uitbater. "Iedereen mag in de kooi dansen. Daarbij val ik hierdoor, naast alle clubs met danspalen, meer op." 

"Iedereen mag in de kooi dansen. Daarbij val ik hierdoor, naast alle clubs met danspalen, meer op."

Club zkt student

Vande Walle draagt studenten in Gent een warm hart toe. "Studenten, maar ook verenigingen zijn meer dan welkom. Ik sta paraat voor overleg, voorstellen en om hen te steunen. Alles is in principe bespreekbaar." Momenteel blijven ze een beetje uit, maar de uitbater klinkt positief. "Misschien hebben zij ook schrik, maar ik ben iemand die écht luistert naar hun noden. Bovendien is het altijd leuk om studenten over de vloer te hebben. Hoe meer, hoe liever, zou ik zeggen." Voorts kunnen geïnteresseerden alles volgen via Facebook. "Op onze pagina verschijnen binnenkort allerlei foto's en evenementen. Zo is iedereen steeds up to date."

Categorieën: Studentenbladen