Jobstudentenstatuut

Het jobstudentenstatuut legt de voorwaarden vast waaronder een student kan werken met het behoud van enkele voordelen verleend door de federale overheid. Dit houdt in: vrijstelling van de normale RZS-bijdrage, het behouden van het recht op kindergeld en het fiscaal ten laste blijven van je ouders.

1.Wat vooraf ging

De federale overheid voorziet een speciale regeling voor studenten die werken met een arbeidsovereenkomst voor tewerkstelling van studenten, als ze aan bepaalde regels voldoen (beperkt aantal dagen werken, niet meer verdienen dan een op voorhand vastgelegd bedrag …). Dit is zowel voor de student als voor de werkgever voordelig. Zo wordt een jobstudent aanwerven voor de werkgever financieel interessant door de solidariteitsbijdragen of verminderde socialezekerheidsbijdragen. Ook voor de student is dit interessant, want hij moet niet alleen minder bijdragen. Indien hij zich aan alle regels houdt, behoudt hij ook zijn recht op kinderbijslag en blijft hij ten laste van zijn ouders.

Vanaf 1 januari 2012 is de nieuwe regeling van kracht gegaan om te bepalen wanneer studentenarbeid kan vrijgesteld worden van de normale RSZ-bijdrage. Het gaat hier voornamelijk om een vereenvoudiging van het voorgaande systeem De belangrijkste aanpassingen zijn:

  • De opdeling tussen zomermaanden en de rest van het jaar valt weg: je kan als student nu jaarlijks 50 arbeidsdagen werken en dit vrij te kiezen en indien gewenst verspreid over het hele jaar. Als je de 50 dagen overschrijdt, dan word je vanaf de 51ste werkdag onderworpen aan de sociale zekerheid.
  • Er wordt nog maar 1 solidariteitsbijdrage gehanteerd die voor het hele jaar geldig is. Dit komt neer op een lichte verhoging van de bijdrage tijdens de zomermaanden in vergelijking met het voorgaande systeem
  • Studentencontract van 12 maanden in plaats van 6 maanden.

De voorwaarden om je kinderbijslag te behouden en fiscaal ten laste te blijven van je ouders werden niet aangepast. Je behoudt je recht op kinderbijslag zolang je winstgevende activiteiten in het 1ste, 2de en 4de kwartaal niet meer dan 240 uur per kwartaal bedragen. Voor het derde kwartaal werd hierop geen beperking gezet, uitgezonderd het jaar dat je afstudeert.

Om fiscaal ten laste te blijven van je ouders moet je als student tewerkgesteld zijn onder een studentencontract en mag je als student niet meer verdienen dan een vastgelegd bedrag. De hoogte van dit bedrag is afhankelijk van de samenstelling van het gezin.

2.Stand van zaken

VVS ontving sinds de invoering al signalen dat het systeem niet even optimaal werkt zoals eerst gedacht. Zo zetten sommige werkgevers de 50 dagen van de jobstudenten die ze tewerkstellen al vast, zonder hun medeweten en zodat ze nergens anders nog aan de slag kunnen tegen het verminderde RZS-tarief. Er gaan ook stemmen op om voor 400 uur te gaan in plaats van 50 dagen, omdat niet elke werkdag even veel uren telt. Zo zouden studenten meer dagen slechts enkele uren per dag kunnen werken, wat voor sommigen beter te combineren valt met hun studies.

Na 1 jaar praktijkervaring, begin 2013, werd op een overleg van de jobdiensten hoger onderwijs en Minister van Werk Monica de Coninck aangegeven dat de oude problemen blijven bestaan en dat er ook misbruik werd vastgesteld. Zo nemen werkgevers 365 dagen per jaar jobstudenten aan, dit steeds voor 50 dagen om dan de jobstudent te vervangen door een nieuwe.

VVS heeft in haar congrestekst het voorstel van Vlhora opgenomen, met enkele toevoegingen. In dit voorstel worden de solidariteitsbijdragen verbonden aan bepaalde periodes, voornamelijk vakanties (zomervakantie) en weekends (zaterdag 00u tot zondag 24u). Studenten die buiten deze periode werken, zullen onder een normaal RSZ-tarief vallen en al sociale zekerheidsrechten opbouwen.

Een voordeel aan deze voorgestelde regeling is dat dit op ICT-vlak eenvoudiger te implementeren en dat er minder gerekend moet worden, omdat alle vakantieperiodes en weekends op voorhand geweten zijn en ingegeven kunnen worden. Hierdoor wordt het systeem ook eenvoudiger om te controleren. De kanttekening die bij dit model geplaatst wordt, is dat het aantal dagen dat een student zou kunnen werken, in 2014 149, de reguliere werknemers in het nadeel zou stellen. Er geldt echter nog andere wetgeving (namelijk kinderbijslag en belastingvoordeel) die het aantal dagen dat een student ook effectief werkt, in toom houdt. Er wordt in het voorstel ook aangegeven dat de student niet altijd al zijn beschikbare dagen opneemt.

VVS zou deze periodes graag uitgebreid zien. September is voor veel studenten immers geheel of gedeeltelijk een vakantiemaand. Bijkomend moeten ook, voor zover dit praktisch haalbaar is, vrijdagavonden opgenomen worden. Voor de student begint het weekend immers al op vrijdag.

.

3.De toekomst

VVS stemde in mei 2015 een standpunt rond het jobstudentenstatuut. VVS ijvert er voor om de 50 RSZ-lage werkdagen om te zetten in 400 RSZ-lage werkuren. VVS vindt het geen goed idee om studentenarbeid aan lage RSZ enkel toe te laten als weekend- en vakantiewerk, maar ijvert voor flexibiliteit. Daarnaast is er ook nood aan een betere bescherming van de student op de werkvloer en een betere communicatie rond het jobstudentenstatuut. Een digitaal systeem waar de jobstudent zijn eigen situatie kan invullen en vergelijken met de geldige regelgeving zou een grote stap voorwaarts zijn.

4.Links en contact

(http://www.ond.vlaanderen.be/wetwijs/thema.asp?id=173)

  • Naar een definitieve oplossing voor de RSZ-regeling met solidariteitsbijdrage in het jobstudentenstatuut (overleg Monica De Coninck en jobdiensten hoger onderwijs, 23 januari 2013)
  • Voorstel vlhora jobstudentenstatuut (2013)